Home|Contact   
Bestek van een oorlogsschip uit 1666
Bestek van een oorlogsschip uit 1666

Bestek De 7 Provinciën

NB: het oorspronkelijk bestek uit 1664 is verloren. Bijgaand de transcriptie van het bestek van een vergelijkbaar schip uit 1666, volgens welke de huidige reconstructie van De 7 Provinciën wordt gebouwd.

Bron: Algemeen Rijksarchief, Brievenboeken der Staten-Generaal.
Ingang 1.01.06; inv.nr. 12561.154.1 Aanbesteding bouw oorlogsschepen  

Deze bestekken zijn ook te downloaden als Word-document:
bestekken1666.doc

 

Bestek van de scheepsromp

Bestedinge van twee scheepshollen vant bewuste 12 groote schepen van oorloge tot Rotterdam gedaen door de Hr. vander Dussen ten overstaen van vier heeren uijt het College ter adm. ter stede voors. volgens rapport vande 6 novbr. 1666.
Besteck ende Conditien waerop de hoogh mo: heeren Staten Generaell der Vereenigde Nederlanden van meeninge sijn door de heeren derselver Gedep[uteerden] aen te besteden een schip van oorloge langh ende wijt als volgt.

  1. Eerstelijcq sal het schip langh zijn over de stevens 165 amsterdammer voeten tot 11 duijm de voet wijt 43 voet, hol in ’t ruijm 16 ¼ voet 3 duijm, hoogh onder sijn deck 7 ¾ voet daar boven, te weten het rheehout, hoogh 5 ½ voet, om bequaem daer onder te schieten, de schans ende bacq hoogh uijt het verdeck 7 voet.  
  2. De kiel sal moeten werden gemaeckt van drie stucken soo die te becomen sijn dick 25 duijm viercant in de middenwegen, voor diep 25 duijm, ende aende hielingh diep 18 duijm, de lassen vande kiel moeten langh sijn 11 voet, ende bij aldien die stucken niet te becomen sijn, de kiel als dan te maecken van vier stucken, dick viercant 27 duijm, de lassen langh 12 voet.  
  3. De voorsteven in de winckel hoogh 27 ¼, te weten de binnencanten, sal bocht hebben 15 ½ voet, dick 20 duijm. boven breet 38 duijm, onder naerden eijsch van ’t wercq ende met een goet slemphout over kiel ende steven gevrocht, sal moeten vallen 24 voet.  
  4. Den achtersteven sal langh wesen inden winkel 27 ½ voet, dick 20 duijm, boven breet 26 ½ duijm, op de kiel streeck 7 voet, ende dat met een goede omwassen knie wel gesloten, met een haeck inde steven gemaeckt, ende deselve wel gebouwt, oock sal de steven vallen 3 ½ voet.  
  5. De heckbalcq sal lang wesen 31 voet, dick 20 duijm viercant de rantsoenhouten dick 13 a 14 duijm, breet 2 ½ voet; so veel wrangen inden spiegel te maken als men sal ordonneren met vier poorten aen deselve, ende sullen de wintveringen moeten langh wesen 28 voet, ende boven wijt staen 23 voet.  
  6. De wrangen op de kiel moeten diep sijn 14 duijm, inde kimmen diep 13 duijm, op scheerstroock dick 9 duijm, boven op ’t rheehout 5 ¼ duijm dick, ’t selve hout moet 6 a 7 voet verscherven, oock mede verscherven de sitters en kattespooren, ende alwaer de verschervingh vant bovenstaende hout niet vullen can, sullen de aennemers gehouden sijn ’t selve met calven dicht te maken van achteren tot vooren toe, ende sullen soo veel eicken hout inde vloer wercken, als ’t mogelijcq wesen sal, oock de sitters ende cattespooren, mitsgaders stunders soo dick ende swaer te maecken als men sal ordonneren.  
  7. De plancken van de huijt moeten dick sijn 4 ¼ duijm van de kiel aff tot aen’t onderste berckhout toe.  
  8. Sullen maecken twee span barckhouten onder de poorten ’t onderste dick 8 ½ duijm, ende het bovenste dick 8 duijm, ijder breet 18 duijm, het derde span barckhout boven de poorten dick 7 duijm breet 15 duijm ende het vierde barckhout dick 6 duijm, breet 19 duijm.  
  9. Het rheehout sal dick wesen 5 ¼ duijm, breet 12 duijm, de setgangen op ‘t rheehout dick 2 ¼ duijm, het wagenschot tot de vertuijningen dick &frac54; duijm, de scheerstroocken tusschen de onderste barckhouten, daer den overloop ingesloten wert dick 5 duijmen, de plancken inde breegangh, dick 4 duijm, ende de plancken daer het tweede verdeck in gesloten wert, boven de breegang dick 3 ½ duijm, alsmede de plancken inde bovenste gangh onder ’t reehout dick 3 duijm.  
  10. Alle de rusten opde sijde moeten dick sijn 4 ½ duijm, de besaen rusten dick 3 duijm, ende de halsklampen te maecken ende te stellen voor inden boug, drie plancken onder de barckhouten te verdubbelen voorde ankers, ende tusschen de barckhouten van gelijcken, alles op een planck lengte van 4 duijm.  
  11. Het saethout moet dick sijn 12 duijm, breet 2 ½ voet, de wegers van ’t saethout aff tot de kimwegers toe 4 ½ duijm, daerin te leggen vier kimwegers, ijder dick 6 duijm ende voort van de kimwegers tot aende balkwegers. De wegers dick 4 ¼ duijm, de balkwegers dick 7 duijm, te weten de bovenste breet 2 ½ voet ende de onderste balkweger dick 7 duijm, breet 2 ¼ voet.  
  12. De balcken int ruijm moeten dick wesen 18 a 19 duijm, breet 19 a 20 duijm ende moeten van den ander leggen 3 ½ voet, ijder balck sal moeten gesloten werden met twee goede knieen, de twee mastbalken sullen ijder hebben vier knies, in de nebben te slaen 6.7. a 8 bouts tusschen ijder balcq 9 grieten met twee clawaijen, ijder dick 4 duijm viercant, int ruijm te stellen om den anderen balcq een kattespoor met haer sitter en stunders, en achter en voor te leggen soo veel banden met haer spooren, oock mede de spiegel te besetten met bequame omgewassen knies, soo aen wrangen, als aen brouckstucken, soo als men het sal ordonneren.  
  13. Int ruijm te maecken seven cruijssen die vant ganghboort aff schieten tot aende kimmen toe, ende deselve met swaluwen inde anderen gelaeten werden soo dick ende breet alsmen t sal ordonneren.  
  14. De ganghboorden vande overloop sullen dick moeten sijn 6 ¼ duijm, breet 24 duijm, ende met borsten over de balcken gelaten, deselve wel gevougt ende vastgemaeckt.
  15. De schaerstocken vande overloop sullen dick wesen 6 ¼ duijm, breet 20 duijm, ende met dubbele borsten over de balcken gelaten werden.  
  16. Opden overloop te maecken vijftien poorten, een bequame betingh met een goede spie ende vissingen. Den overloop te dekken met plancken van 3 ¼ duijm, ende soo veel luijcken sal maecken alsmen sal ordonneren.  
  17. Sullen werden gelegt twee banden opden overloop, enden onder de bougspriet, soomen sal ordonneren.  
  18. Het verdecksel sal lopen van vooren tot achteren toe, de balcken van het verdecq moeten diep sijn 14 duijm, breet 15 a 16 duijm, moet bocht hebben negen duijm.  
  19. Ider balk versien met een goet spantknie, ende moet slag hebben tot de bovenkant van de onderste setweger toe, moeten wesen twee setwegers boven den anderen, ijder setweger een voet breet, de lassen wel te verscherven, ende moeten dick wesen 4 ¼ duijm, d’ander wegers sullen dick wesen drie duijm.  
  20. De ganghboorden van het verdecq moeten dick wesen 5 duijm, breet 20 duijm, de schaerstocken vant verdecq sullen dick sijn 7 duijm, breet 17 a 18 duijm, met dubbele borsten over de balken gelaten werden, tusschen ijder balcq vier grieten met twee clawaijen, ijder griet dick 3 ½ duijm viercant de clawaijen dick 4 duijm viercant. Dit verdeck te dekken met deelen van 2 ½ duijm het spint wel affgehouwen van onderen wel gladt geschaeft.  
  21. De vloer vande cajuijt sal mede moeten wel glad geschaeft sijn, de cajuijt ende hutten sullen moeten worden beschoten, en versien van taeffels en bancken, soo als deselve behooren te wesen, ende sulcx als men die sal ordonneren, mede inde cajuijt te maken en bequaem te beschieten met casiens, tresoortiens, ledicant, slaepbanken, wijn en bierkelders, alles soomen sal ordonneren te maken en te leveren tot clamprede incluijs niets uytgesondert soo 't schip varen moet.  
  22. Tusschen de schaerstocken te maecken goet roosterwercq, de grieten van deselve dick vier duijm viercant, de latten moeten breet sijn 4 duijm, ende dick ¾ duijm, opt deck te stellen twee spillen met 14 poorten soomen sal ordoneren.  
  23. De setwegers vant verdecq sullen dick sijn vier duijm, ende moeten twee boven malcanderen gestelt werden, breet een voet, tot aende ondercant vande poorten, de wegers boven de setwegers met deelen van twee duijm dick, het spint wel affgehouwen.  
  24. De Balckwegers vant verdecq enden bacq moeten dick wesen 3 ½ duijm breet 18 duijm, de balcken van het halffdeck ende back sullen dick sijn 9 duijm, breet 11 a 12 duijm, de gangboorden vant halve deck ende bacq sullen dick sijn 3 duijm, breet 19 a 20 duijm, de schaerstocken vant cleijn roosterwercq sullen dick sijn 4 ½ duijm, breet 14 a 15 duijm, te decken met balckdeelen van twee duijm dick, het spint wel afgehouwen, ende ’t roosterwercq te maecken soo men sal ordonneren, van ondere alles wel gladt geschaeft, opt’ gangboort te setten een setweger dick 2 duijm, daerop wel dicht geschandeckt.  
  25. De grote hut sal moeten langh sijn en loopen voorbij de besaen mast ende noch een cleijne hut daerboven, soo ’t sal werden geordoneert oock te maecken een bequaem vinkenet vande groote mast aff tot voor opde bacq.  
  26. Heel de koijen, schermen ende Borstplanken, beschotten ende pilaren, rotgangen, schilden, trappen, knechten, schotblocken, cruijshouten ende alle de clampen soomen sal ordonneren. Int ruijm te maecken een bequaem voorgat, cabelgat, alle de koijen, cassiens, spijsbacken, beschotten, cruijtcamer, brootcamer, combuijs, cardoeskisten, bottelrije, zeijlcamer, soo wegens de heeren besteders sall werden geordonneert ende sulcx te doen van drooge potterij delen.  
  27. Sal mede maecken een bequaem ganghbaer roer ende alles te stellen soot’ vaeren moet, met twee roerpennen.  
  28. Mede te maecken twee winckelknies boven opt heck, tegen het boord aen, met twee knies bij ’t schot van de cajuijt, insgelijck het achterwercq met sijn Gallerijen, alsmede het schip van achteren dicht te maecken met drooge deelen dick 1 ½ duijm, ende daer overheen verdubbelt met droogh wagenschot van een halven duijm, met noch vijff stunders daerment sal ordonneren boven de overloop.  
  29. Sal mede maecken een bequaem Gailljoen met alles daertoe behorende, sooment sal ordonneren, tot contentement van de heeren besteders.  
  30. Sullen stellen sooveel ganghbare ende bequaeme pompen als men sal ordonneren.  
  31. De aennemers sullen gehouden sijn ’t schip tweemael te calfateren, soo binnen als buiten, ende te clamaijen van onderen van de kiel aff, tot boven aende overloop toe.  
  32. De aennemers sullen gehouden sijn te maecken ende te leveren al ’t hout tot het beeldwercq, het beeldwercq te vougen ende wederom te stellen als het gesneden is, ende het pick, teer mos, wercq oock goede bequame nagels van goed droogh hout moeten leveren ende gehouden sijn ’t selve schip te pikken ende teeren nae behooren.  
  33. Is mede conditie ende wert mede bedongen dat de aennemers niet en mogen dit schip te maecken anders als met Dantsicher ofte Hamborger plancken, oock geen Bremerhout aen ’t selve te mogen verwercken.  
  34. Dit schip sal moeten worden gemaeckt op senten, ende sullen oock de stevens, heckbalcq, ende rantsoenhouten niet anders mogen werden gemaeckt als van roer ofte wesels hout.  
  35. De aennemers sullen gehouden sijn alle de masten te stellen, ende te beclampen, oock vast te maecken, ende daerbij te leveren penterbalcq, vier anckerstocken, ende alle de trappen, mitsgaders alles wat aent huijstimmerwercq dependeerd.  
  36. De heeren besteders sullen leveren tottet maecken van voors. schip al het ijserwercq, ende ’t snijden vant beeltwercq, mitsgaders ’t schilderwercq, coperslager, loodgieter, metselaer, ende glasmaeker, ende dat dat daer aen dependeert, sal comen alles tot laste van de Heeren besteders.  
  37. Het schip sal moeten werden gebouwd hier ter stede, oftebijgelegen steden ende plaetsen, gelegen op de Maze, ende gemaeckt onder de opsigte van de raedt ter admiraliteijt alhier, ofte derselve Gecommiteerden, mitsgaders volgens de ordonnantie, ende het goed vinden van Salomon vander Tempel, schiptimmerman van het voors. college, ofte den geenen die haer Ed: Mo: daertoe sullen ordonneren, bij wien oock het hout dat daer aen sal comen verwerckt ende geconsumeert te werden, alvooren sal moeten werden gevisiteert ende geapprobeert, ende bevonden werdende daerinne eenige onbequam hout gebracht te sijn, dathet selve bij Vanden Tempel, ofte dengeen daertoe te ordonneren sal mogen werden gebracht, ende op sijn ordre bij aennemers sonder eenige tegenspreecken daeruijt genomen, ende met goet ende bequaem hout te sijne genouge wederom verbetert, het wercken eijnde sal oock den gemelten Vanden Tempel ordonneren in wat forme ’t voors. schip sal werden geseten ende geschooren, ende vervolgens sijne ordere gevolgt tot het schip t’eenemael sal wesen opgemaeckt.  
  38. Het schip affgetimmert wesende sal t’selve tot laste vande aennemer inde haringhvliet, ofte voorde palen van dese stadt aende meulen moeten werde gelevert.  
  39. Indien in dit besteck ijetwes mochten vergeten sijn ofte nagelaten sijn te stellende t’welcq nochtans volgens den eijsch vant wercq nootsaeckeleijcq daerin behooren gemaeckt te wesen, sullen de aennemers gehouden sijn t’selve te maecken ende voldoen, sonder eenigh buijtenwercq daer voor te mogen pretenderen.  
  40. De aenbesteders beloven mitsdien de aennemers de te beloven penningen te betaelen als volgt, nammelijcq het eerste derdepart als de stevens sullen wesen gerecht, het tweede derde part soo wanneer het schip in het water sal sijn geloopen, ende t’resterende derdepart soo wanneer t’schip bijde heeren besteders opgenomen ende ’t bestecq voldaen sal sijn.  
  41. Ende ten eijnde de aennemers vant voors. schip van hare betalinge ten gerust, ende des te meer versekert mogen sijn, wert aen ijder een bekent gemaeckt, als dat de heeren Staten van Hollant ende West vriesland bij resolutie ende aenschrijvens vanden 28 julij deses jaers hebbende goetgevonden te interponeren haer credit, ende belooft uijt deselver provintiale quote te sullen betalen ’t geene de bestedinge vant schip sal comen te bedragen.  
  42. D’aennemers van het voors. schip sullen gehouden sijn ’t selve compleet gereet ende afgetimmert te leveren voor de Stadt van Rotterdam als hier boven articulo 38: is geseijt omme doorde heeren haer ho: mo: Gedeputeerde opgenomen te comen werden voorden 1ste julij 1667, ende indien de aennemers op de vers. tijt haer aengenomen wercq ter plaetse alsvooren niet compleet comen op te leveren, sullen daer voor verleyden? een peene van vierhondert gld ende voorts noch vijftien gulden daegs, voor ijder dagh die voor het opleveren vant aengenomen wercq naer date vande voors. 1sten julij sullen comen te verlopen.  
  43. Die den minsten insetter is, sal genieten tot een treckpenningh twee hondert vijftig guldens, ende den geenen die ’t gelt treckt, sal verbonden sijn het schip tot soodanige prijse te moeten maecken ende leveren, indient de heeren besteders sullen believen.

    Ende sal bij nader opveijlinge ’t schip werden aenbesteet ende gegunt aenden geenen die tot de minste prijs ‘tselve sal comen aen te nemen.

Op alle welcke conditien ende op het bovenstaende charter, is bij Jacob Jansz ende Frans huijgen aengenomen een schip te bouwen, alsoo te leveren voor de somme van negent’sestigduysent guldens tot xx stuivers ’t stucq

Gelijcq mede op deselvde conditien ende charter is aengenomen te maecken soodanigen schip ter gelicke somme van negenen’sestighduysent Caroli guldens bij jan francke wonende tot Dordrecht.

Aldus is dese bestedinge gedaen doorden heere Dirck vander Dusse Gedeputeerde ter vergaderinge van de ho: mo: heeren Staten Generaell der verenigde nederlanden, ende bij haer ho: mo: tot de voors. bestedinge gecommiteert.

In Rotterdam desen 4. november 1666 ende ten selve dage bij de voors. aennemers respective geteeckent.

mij present M. Broecke

   naar boven  

 

Bestek van het rondhout

Besteck waaernaaer de ho: mo: heeren staten generaal sullen aenbesteden ende laten maacken een scheepstuigh ronthout, tot een schip lanck over de stevens 165 voeten, wijt 43 voeten etc. in de manieren als volcht.

De groote mast lang 88 voeten dick in de vissing 25 palm, dese ende alle de vorder stucken int cruijs te meten, ende de andere naar advenant.

De focke mast lanck 79 voet dick 22 palm

De besaensmast lanck 68 ½ voet dick 15 palm

De boeghspriet lanck 60 voet, dick op de cnoop van de stevens 23 ½ palm

De grote stenge lanck 62 ½ voet, dick int eselshooft 15 palm stijff

De voor stenge lanck 56 ½ voet, dick 14 palm

De groote bramstenge lanck 25 voet, dick 7 palm

De voor bramstenge lanck 23 voet, dick 6 palm

De bovenblindestenge lanck 19 voet, dick 6 ½ palm

De groote ree lanck 84 voet, dick inde krengh 16 ½ palm

De fockeree lang 77 voet dick inde krengh 15 palm

De blinde ree langh 54 voet, dick 9 ¼ palm

De groote marseylree lanck 53 voet, dick inde krengh 9 ½ palm

De voormarsseylree lanck 47 voet, dick inde krengh 8 ½ palm

De besaenroe lanck 79 voet dick inde krengh 10 palm

De groote bramzeijlree langh 30 voet, dick inde kringh 5 ½ palm

De voorbramzeilree langh 27 voet, dick inde kringh 4 ½ palm

De bovenblinde ree langh 35 voet dick inde kringh 5 ½ palm

De cruijsstenge lanck 29 voet, dick 7 ¼ palm

De cruijsseijlree lanck 37 voet, dick 6 ½ palm

De begijnree lanck 56 voet, dick 7 palm

Alle dit voors. ronthout sal sijn Maese voeten 12 duijmen voor de voet gereeckend.

Wijders alle het swaar ronthout te maecken van goet, gaaf Gottenburger, ofte ander bequaem hout, indien ’t selver niet te becomen is, en het vordere licht ronthout soo men ’t sal ordoneren, sonder cruijsquasten, ofte conckels daerin.

De groote ende fockemast te maecken met een bequame eijcke top, gesaegt van goede weselse sommers, welhecht gebouwt ende gespijckert naer behooren, ende den eijsch van’t werck tot contentement van de heeren besteders, onder visitatie ende opsigten van de gene bij de gem. heeren te stellen.

Item te maecken en te leveren twee stoelen met vlaggestocken. Verder de reen te voegen schaelen, cammen ende te clampen naar behoren, soo als de schepen in zee sullen vaeren, niets uijtgesonderd.

De aennemers sullen tot dit scheepstuijgh alles moeten leveren soo wel ronthout als eijcke toppen, bouts ende spijckers, ende voorts watter tot het maecken ende leveren werd gerequireerd, niets uijtgesonderd, de scheuren wel dicht te calfaten, ende alle het voors. ronthout tweemaal overteeren met goede bequamen teer tot contentement als voren.

De betaelinge daervan sal werden gedaen soo wanneer het voors. werck t’eenemael sal wesen gemaeckt geleverd ende tot contentement vande heeren besteders opgenomen.

Voor welcke betaelinge de Ed. Grootmo: heeren Staten van Holland ende West Friesland haer credit hebben geinterponeerd omme uijt derselver provinciale quote te sullen betalen.

Op alle welke bovenstaende conditien het maecken ende leveren vant voors. rondthout voor een schip is aengenomen bij Bartholomius Crammersteijn van Dordrecht voor de somma van vierduijsent seshondert ponden van XL grooten ’t pond.

Aldus in wegen voors. aenbesteed ter raedcamere van de Ed:mo: heeren gecom. raden ter Admiraliteijt te Rotterdam, door den heeren Diderick van den Dusse, Gedep. ter vergaderinge van haer ho: mo: de heeren Staten Generaal als daertoe bij hoogh gem. haer ho:mo: gecommiteerd ende bij den voors. aennemer ondertekend in Rotterdam den 4 November 1666.

Mij present M. Broecke

   naar boven  

 

Bestel van het beeldsnijwerk

NB: gezien de verschillende thema's die in dit bestek genoemd worden, behoort dit beeldsnijwerk uitdrukkelijk niet bij De 7 Provinciën, maar mogelijk bij het schip ‘Vrijheid’ uit 1667. Wel zijn er grote overeenkomsten wat betreft de ornamentiek.

Bestecq ende conditien waerop de Heeren Ged. van Ho:Mo: Heeren Staaten Generaal sullen aanbesteden alle het beeltwerck tot het aanbouwen van een van de nieuwe schepen van oorloge.  

  1. D’eersten voor het gailloen te snijden een leeuw vasthoudende in d’eene poot seven pijlen ende in d’andere het swaert. Noch boven de leeuw te snijden de victorie als hebbende in d’een hand een croon, ende inde andere de victorie crans. Item onder de leeuw te snijden een zeemijt met slangen om de cop.  
  2. Op ’t sij van het gailloen te snijden soo veel gebonden slaven alsser tot het gailloen sullen behoren.
    Item tusschen de slaven allerhande gebroocken geweer tot bewijs van onderdruckinge.
    Item aent gailloen tusschen de slaven te snijden eenige cieragien tot welstant van ’t werck.
    Item de cammen onder ’t gailloen te snijden met een dolfijn ende lofwerck.
    Item twee hoofden met halve lijven te snijden aan de regelingen.
    Item onder de craenbalck te snijden twee atlassen die de anckers schijnen te dragen.  
  3. Voor aent schild te snijden soo veel Hollands matrosen alsser sullen vereijsschen die schijnen de Barbaren geplundert te hebben, de matrosen hebbende op zij houwers ende enterbijlen.
    Item voor aent schild tussen de matrosen geciert met quieren en pilaren.  
  4. Op sijde van ’t schip soo veel gillingen alsser van nooden sijn ende die te snijden met blasende trijtons.
    Item op zij van het schip te snijden de halshouten met quieren
    Item op sij van ’t schip om de vensters te snijden de becleedsels met crollen en dolphijnen geciert.
  5. Op ’t sij van ’t schip de torens te snijden, boven een vlammende cnop ende onder de cnop met doorluchtige dolphijnen, kinderen die de torens schijnen te dragen.
  6. Op de sijde van ’t schip aen de galerijen soo veel dolphijnen te snijden alsser tot welstant van ’t wercq sullen dienen.
    Item aende galerijen tegens de dolphijnen te snijden de staenders boven met tronien ende onder met lijven.
    Item aen de galerijen tusschen de staanders te snijden pilaren ende dasen met quieren.
  7. Onder de galerijen te snijden soo veel Tarmen alsser geordonneerd sullen worden boven met tronien ende onder met gecierde coockers ende troonien onder den tarmen tot welstant van ’t werck.
    Item aende galerijen te snijden de lijsten ende quieren.
    Item aende galerij te snijden twee groote wulfhouten.
  8. Achter aent schip aant hackebort te snijden de liberteijt ofte vrijheijt hebbende inde handt de lancie met den hoot. Op sij van de vrijheijt te snijden twee kinderkens vasthoudende de hoorns van abondentij.
    Item int hackbort te snijden twee leeuwen die vast schijnen te houden twee bollen.
  9. Achter aent schip te snijden een fries met lofwerck ende inde fries eenige cieraat ende onder de fries eenige pilaren.
  10. Achterop sijde van het schip te snijden den Neptunis hebbende in d’eene hand een drietant in d’andere hand een dolphijn.
    Noch aan d’andere sijde van ’t schip te snijden een Aeolus in de hand hebbende een sphera mundi ende in de andre hand een dolphijn die genaempt werden de staetshouten.
    Item achter op sij van ’t schip onder de staatshouten te snijden de goden van de rivieren, liggende op potten met armen, daeruijt schijnt te vloeien een stroom met riviervisch.
  11. Achter aen ’t schip te snijden het wapen daarop een leeuw vasthoudende de seven pijlen end inde andere poot het swaart ende boven het wapen de croon.
    Item aent wapen twee leeuwen die ’t schijnen vasttehouwen onder de pooten van de leeuwen twee crollen met lofwerk geciert.
  12. Achter onder ’t wapen om de lichten eenige staenders boven met tronien ende onder met lijven ende op sij van de lichten eenige ammunities van oorloge en trommels, als canon.
  13. Achter onder de lichten te snijden het wapen van de heeren ter adm.t ende op sij van ’t wapen soo veel Tarmen alser moeten wesen, boven met troonien ende onder met gecierde coockers ende soo veel dasen tusschen de Tarmen alsser van nooden sijn ende soo veel festonnen tusschen de Tarmen alsser tot welstant sal dienen.
  14. Achter onder het wulf te snijden den brieff waarop gesneden sal worden verheve letters de naam van ’t schip.
  15. Verders binnen in ’t schip te snijden so veel schermen alsser moeten wesen met wapentiens ende pijlen en alsmede eenige stijlen voor de caiuytdeur te snijden.
  16. Van binnen in ’t schip soo veel tarmen te snijden voor de schippershut allser van nooden sijn, boven met tronien onder met gecierde coockers tussen de tarmen met vasen geciert.
  17. Aan de stiermanshut soo veel staenders alsser tot welstand dienen boven met tronien onder met lijven ende met lijsten tusschen beijden.

Verders alles te maecken met believen van heeren besteders wel ende meesteren gelyck een goet mr. behoort ende tot prijs van andere ende voorts alles te maecken dat tot welstant van ’t schip sal vereijssen. Ende off gebeurt dat in dit bestek jetwes ware vergeten ende nochtans behoorde gemaect te werden sal den aannemers gehouden sijn te maeken sonder daarvoor jets of te eenigh buytenwerk te mogen pretenderen.

Ende sal het werk naar dat het geleverd is tot contentement ende tot contentement van de heeren besteders opgenomen sal sijn, in eene somme worden betaald.

Voor welke betalinge de heeren Staten van Holland ende West Friesland bij resolutie ende aenschrijvens van den 28e julij 1666 haer credit hebben geinterponeert ende belooft desselve uyt hunne provinciale quote te sullen laeten geschieden.

Op alle welcke bovenstaande conditien is het voors. beeltwerck aangenomen te maaken ende te leveren voor een schip, bij Michiel van Douw, voor de somma van twaalf hondert vijftich ponden van XL grooten.

Ende voort andere schip bij Lieven Verschueren ende Michiel van Douw tesamen voor gelycke somme van twaelfhonderdvijftig gulden.

Aldus de voors. bestedinge gedaen ter raadcamere van den Gecommitterde raden ter Admiraliteit door den heer Diderick vander Dusse, Gedeputeerde ter vergaderinge vande hoogmogende heeren Staten Generael, als daertoe bij hooghem. haer ho:mo: gecommitteerd. Ende bijde voors. aennemers ondertekend in Rotterdam den 9 november 1666.

Mij present

M J Broecke

   naar boven  

 Bestek van het IJzerwerk

Bestedinge van twee scheepshollen vant bewuste 12 groote schepen van oorloge tot Rotterdam gedaen door de Hr. vander Dussen ten overstaen van vier heeren uijt het College ter adm. ter stede voors. volgens rapport vande 6 novbr. 1666.

Bestecq ende conditien waarop de Heeren Ged. van de Ho:Mo: Heeren Staen Generaal sullen aanbesteden alle het ijserwercq tot den aanbouw van een van de nieuwe schepen van oorlogen op huyden aangenomen bij

Alle het ijserwercq van goet taeij sweets off spaans ijser te maecken ende te leveren dat tot den aenbouw van ’t schip vereijst wert, soo bouts, haeckbouts, ringhbouts, roerwercq, hangen en duijmen aen poorten, reekettings rheecrammen ende ringen, beslaen van blocx puttings ende vorder diergelt wercq vereijst werdende.

De aennemers sullen alle de bouts wel ronden sonder eenige getrocken luijcke of diergelijcq ijser daertoe te gebruicken op alsulcken gat als haer vanden mr. timmerman sal werden gegeven van tijt tot tijt soo spoedige te maecken dat de timmerluyden daar nae int minsten niet comen te wachten.

Alle het ijserwercq te maecken ende te leveren op de bovenstaande conditien bij de 100 pond all het gene een pont ende daerboven sal komen te wegen, sal voor groffwercq gewent worden. Ende alle ’t gene minder als een pont comt te weegen, sal voor cleijn wercq gewent worden.

En off het gebeurde datter ijets te licht te swaer off onbesnoeijt wert gemaakt ’t selve sullen de aannemers gehouden sijn aen haer te houden en aenstonts wederom ander bequaem in plaets te maecken en leveren tot contentien van de heeren besteders.

Alle het voors. ijserwercq sal gewogen werden ter plaetse daer het haer Ed. Mo. sulle ordoneren onder de opsigt van de geene bij de raedt daertoe te stellen.

Voorts met expresse conditien dat voort nacomen van alle het verhaelde de aennemers sulle moeten stellen suffisante borgen alsmede voor de resp. gelden die bij anticipatie sullen werden gegeven te betaelen in drie termijnen, een 1e bij’t rechten van de stevens, de 2e als ’t schip int water gelopen sal sijn, de 3e als het schip affgetimmert sal wesen.

Ende ten eynde de aennemers voors. wercq van hare betalinge ten volle gerust ende te meer versekert mogen sijn, soowort aan een ijder bekent gemaeckt, als dat de Heeren Staten van Hollant ende Westvrieslant bij resolutie ende aenschrijven van den 28 julij deses jaers 1666 hebben goetgevonden te interponeren haer credijt ende te belonen uijt deselve provinciale quote te sullen betaelen, ’t geene de bestedinge van ‘y voors. wercq sal come te bedragen.

© 2001, Transcriptie Bataviawerf, Lelystad NL

Volg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op Twitter
Volg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op Twitter
Volg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op Twitter
Volg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op Twitter
Volg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op Twitter
Volg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op Twitter
Volg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op Twitter
Volg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op Twitter
Volg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op Twitter
Volg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op Twitter
Volg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op Twitter
Volg ons op TwitterVolg ons op TwitterVolg ons op Twitter

Tweet wordt geladen...
Volg op Twitter >

Laatste Facebook bericht wordt geladen...
Volg op Facebook >

Copyright 2009 Bataviawerf, Ontwikkeling & Realisatie PM Webdesign, Swifterbant
Volg ons op Twitter
Bekijk ons op Flickr
Bekijk ons op You Tube